Het vermogen van Inge Gillis is niet publiek bekend. Zij is geen eigenaar van een beursgenoteerde onderneming, staat niet in de Quote 500 en heeft zelf nooit iets over haar financiele situatie naar buiten gebracht. De bedragen die op allerlei websites opduiken zijn schattingen zonder bron. Wat wel vaststaat: zij werkt binnen het familiebedrijf Oostappen Groep Vakantieparken en werd bij een breder publiek bekend door het SBS6-programma over die familie.
Wie is Inge Gillis?
Inge Gillis is een dochter van Peter Gillis, de ondernemer achter Oostappen Groep Vakantieparken, een concern met vakantieparken in Nederland en Belgie. Zij groeide dus op in een bedrijf en begon daar ook haar loopbaan.
Ze startte bij de receptie van een van de parken, werkte zich op naar het centrale reserveringenteam en is sinds 2016 werkzaam als assistente van de directie. Dat is een uitvoerende en organiserende rol binnen het bedrijf, niet een eigenaarsrol. Bij het grote publiek werd ze bekend door het realityprogramma van SBS6 over de familie, al kiest zij daarin nadrukkelijk voor de achtergrond en zoekt ze zelf geen publiciteit.
Waar komt haar inkomen vandaan?
De inkomstenbron die aantoonbaar bij haar hoort, is salaris uit haar functie binnen de Oostappen Groep. Daarnaast kan er sprake zijn van een vergoeding voor deelname aan het televisieprogramma, al is onbekend of dat zo is en om welke bedragen het gaat; productiemaatschappijen en deelnemers maken zulke afspraken zelden openbaar.
Belangrijk is het verschil tussen werken in een familiebedrijf en het bezitten ervan. Een directieassistente ontvangt een salaris. De waarde van een vakantieparkenconcern zit in de vennootschappen en het vastgoed, en die waarde behoort toe aan de aandeelhouders. Wie geen aandeelhouder is, bouwt daaruit geen vermogen op, ongeacht hoe groot het bedrijf is.
Waarom lopen de schattingen online zo ver uiteen?
Zoek haar naam en je vindt bedragen die soms tientallen keren uit elkaar liggen. Dat komt door een veelgemaakte denkfout: schrijvers van zulke pagina's nemen de omvang van het familiebedrijf als vertrekpunt en delen die op de een of andere manier over de familieleden uit. Dat is geen berekening maar een aanname, en meestal een die nergens op gebaseerd is.
Daarbij komt het bekende kopieereffect. De ene website neemt het cijfer van de andere over, waarna hetzelfde bedrag op tien plekken staat en daardoor bevestigd lijkt. In werkelijkheid is het nog steeds hetzelfde ene verzonnen getal.
Hoe wordt zoiets professioneel berekend?
De Quote 500 hanteert een methode die van onderop werkt en zich beperkt tot wat aantoonbaar is. De redactie kijkt naar aandelenbelangen in vennootschappen, naar jaarrekeningen die bij de Kamer van Koophandel zijn gedeponeerd, naar eigendom in het Kadaster, naar bekende overnamesommen en dividenden, en trekt daar bekende schulden vanaf.
Zo'n schatting hoort bij een aandeelhouder, niet automatisch bij iedereen met dezelfde achternaam. Vermogen van een bedrijf is niet hetzelfde als vermogen van een familie, en vermogen van een familie is niet hetzelfde als vermogen van een individueel familielid. Wie die drie door elkaar haalt, komt onvermijdelijk tot onzin.
Wat kun je zelf nagaan?
Het Handelsregister van de Kamer van Koophandel laat zien welke vennootschappen aan een naam gekoppeld zijn en wie daar bestuurder of gevolmachtigde is. Bij vennootschappen die publicatieplichtig zijn, kun je bovendien de gedeponeerde jaarrekening opvragen en zien hoe groot het eigen vermogen is.
Dat levert geen persoonlijk vermogenscijfer op, en dat zal het ook nooit doen, want privebezit van particulieren is in Nederland simpelweg niet openbaar. Elke pagina die suggereert van wel, doet een belofte die niet waargemaakt kan worden.
Waar vind je onderbouwde cijfers
- Kamer van Koophandel voor vennootschappen, functies en gedeponeerde jaarrekeningen
- Kadaster voor eigendom van onroerend goed en gevestigde hypotheken
- Quotenet voor de Quote 500 en de toelichting op de gehanteerde methode
- AFM voor registers rond financiele dienstverlening en beursbelangen
- Euronext voor koersen en publicaties van beursgenoteerde ondernemingen